Voorbeeld
- Dit deed ik zelf
- Ik verzamelde de producten en controleerde de aantallen.
- Wie keek mee?
- Mijn begeleider keek mee en noteerde wat goed ging.
- Deze hulp gebruikte ik
- Een werkkaart met foto’s en uitleg bij een nieuw product.
- Dit wil ik leren
- Een andere bestelling klaarmaken met minder hulp.
